Terug naar de homepage

Nuttige downloads
Formulieren
Werkwijze AOV
Verdere dienstverlening
Werkwijze AOV advisering
    Wat is retourprovisie?    Wat en wie is MedFinD?    Voor wie is MedFinD?    Neem contact op
Printervriendelijke versie afdrukken.

Koopsompolissen

U bent vrije beroeper en overweegt uw praktijk te verkopen

Als vrije beroeper stopt u eigenlijk nooit met het uitoefenen van uw beroep. Toch komt er een moment om te starten met andere dingen, de zogenaamde tweede carrière. De verkoop van uw praktijk staat voor de deur. De overdracht van de cliënten aan uw opvolger (goodwill), de verkoop van de inventaris en eventueel het praktijkpand zorgen ervoor dat u een behoorlijke fiscale winst realiseert. Het direct afrekenen met de fiscus behoort tot de mogelijkheden, maar is over het algemeen niet aantrekkelijk. Een aantal fiscale faciliteiten zorgt ervoor dat u niet direct hoeft af te rekenen maar een adequate pensioenvoorziening kunt treffen. Met andere woorden de financiële en fiscale planning van uw toekomst staat voor de deur. De jarenlang opgebouwde goodwill kan nu zorgen voor een goede pensioenvoorziening.

Naast de verplichte beroepspensioenregeling heeft u wellicht in het verleden reeds reserveringen in de fiscale sfeer getroffen (bijvoorbeeld de opbouw van een fiscale oudedagsreserve of lijfrenteverzekeringen, in privé gesloten middels koopsomstorting en/of premiebetaling). Met deze reserveringen zult u eveneens iets moeten onder-nemen. Een integratie van uw lijfrentevoorzieningen in één regeling is dan de meest voor de hand liggende oplossing. Administratief is dat simpeler, en heeft met name het voordeel dat er met samengevoegde bedragen betere "deals" te maken zijn in de markt. Een marktonderzoek in deze en met name ook naar de rendementen die op de voorzieningen worden behaald behoort, evenals de administratieve afwikkeling, tot het takenpakket van MedFinD.

Het lijfrente-onderzoek
Voor ondernemers, vrije beroepers en particulieren is een nieuwe dienst ontwikkeld om te zorgen dat zij de beste rendementen krijgen op lijfrente- (koopsom)polissen die in het verleden zijn afgesloten. Een objectief en onafhankelijk onderzoek wordt door ons gedaan met het oogmerk voor u als cliënt de beste aanbieding binnen de bestaande situatie te verkrijgen. Uit een onderzoek dat wij onlangs hebben gehouden bleek dat de verschillen tussen de aanbieders in lijfrente-uitkeringen wel kunnen oplopen tot meer dan 10%.

Lijfrente informatie

Inleiding
Onderscheid dient er te worden gemaakt ten aanzien van de mogelijkheden voor de aankoop van een lijfrente tussen polissen die zijn gesloten voor het jaar 1992 (het zogenaamde oude-regime) en polissen die na deze datum zijn gesloten. Voor premiebetalende lijfrenteverzekering is het "oude regime" reeds beëindigd op 16 oktober 1990.

Polissen gesloten onder het oude regime voor 1992
De aanwending van de gelden voor deze polissen is behoorlijk vrij. Zo mag het opgebouwde kapitaal worden aangewend voor een lijfrente met een levenslange duur, een tijdelijke duur van bijvoorbeeld 3 a 4 jaar of een combinatie hiervan. Voor tijdelijke korte duren is vereist dat wordt voldaan aan het 1%-sterfte-criterium. Daarnaast kunnen bij deze polissen de kinderen als begunstigden worden aangewezen. Dit kan aantrekkelijk zijn indien zij in een lager belastingtarief vallen. De overdracht is alleen effectief indien de kinderen meerderjarig zijn. Immers indien zij minderjarig zijn worden de inkomsten van uw kind bij uw inkomen opgeteld.

Polissen gesloten onder het nieuwe regime na 1992
Vanaf 1992 worden de mogelijkheden voor de aankoop van lijfrenten beperkter. Voor de aanwending van de koopsommen dient u te kiezen uit de navolgende vormen:

1. oudedagslijfrente
2. nabestaandenlijfrente
3. overbruggingslijfrente
4. tijdelijke oudedagslijfrente

Deze lijfrentevormen mogen ook in combinatie worden gesloten. Vanaf 2001 zijn de voorwaarden van verschillende vormen nog iets verder aangescherpt, maar de vormen op zich blijven gelijk.

Omschrijving van de lijfrentevormen

Oudedagslijfrente
De oudedagslijfrente moet toekomen aan u, als verzekeringnemer/belastingplichtige, en uiterlijk ingaan in het jaar dat vijf jaar na de AOW gerechtigde leeftijd ligt en mag uitsluitend eindigen bij uw overlijden. De lijfrente mag ingaan op elk willekeurig moment mits dit ligt vóór dat vijf jaar zijn verstreken na het bereiken van de AOW gerechtigde leeftijd. Bij een oudedagslijfrente moeten de verzekeringsnemer, verzekerde en begunstigde dezelfde persoon zijn. Wel is overgang op de partner mogelijk; de lijfrente mag afnemen tot ten hoogste 70% van de oorspronkelijke uitkering wanneer de (gewezen) partner komt te overlijden.

Nabestaandenlijfrente
De nabestaandenlijfrente moet toekomen aan een natuurlijk persoon en direct ingaan bij overlijden van uzelf of van uw (gewezen) partner. Naar de mening van de Staatssecretaris van Financiën is een uitgestelde ingangsdatum alleen mogelijk als de nabestaande recht heeft op een ANW-uitkering. Op het moment dat de ANW-uitkering eindigt dient de nabestaandenlijfrente in te gaan.

Een nabestaandenuitkering kan tijdelijk of levenslang zijn. Volgens de jurisprudentie is het noodzakelijk dat er een overlijdensrisico is van ongeveer 1 %.
In de wet is opgenomen dat deze overlijdenskans niet van belang is bij een tijdelijke nabestaandenuitkering aan de kinderen jonger dan 30 jaar.

Overbruggingslijfrente
Bij een overbruggingslijfrente moeten de verzekeringnemer, verzekerde en begunstigde dezelfde persoon zijn. De lijfrentetermijnen mogen eindigen op de AOW gerechtigde leeftijd. De overbruggingslijfrente mag op elk gewenst moment ingaan, mits aan de overlijdenskans van 1% wordt voldaan. Tevens mag de lijfrente per jaar niet hoger zijn dan € 63.288,- (2014). De maximale uitkering wordt jaarlijks niet meer geïndexeerd. Wanneer u meerdere overbruggingslijfrentes heeft afgesloten geldt het maximum voor alle uitkeringen tezamen. Ook bij overbruggingslijfrenten in combinatie met nabestaandenlijfrente is een afname naar 70% bij overlijden van de partner mogelijk. De overbruggingslijfrente is per 1 januari 2006 afgeschaft. Dit in het kader van het later met pensioen gaan.

Tijdelijke oudedagslijfrente
Ook hier geldt dat verzekeringsnemer, verzekerde en begunstigde dezelfde persoon moeten zijn. De maximale uitkering mag jaarlijks € 20.953,- (2014) bedragen.
De uitkering wordt jaarlijks geïndexeerd. De minimale looptijd moet vijf jaar zijn.
Deze lijfrente mag niet eerder ingaan dan in het jaar waarin de verzekeringnemer de AOW gerechtigde leeftijd bereikt, en mag niet later ingaan dan vijf jaar na het bereiken van de AOW gerechtigde leeftijd. Een terugval bij overlijden naar 70% voor een nabestaandenlijfrente is toegestaan
.

Schematische weergave toegestane lijfrenten

SOORT LIJFRENTE KENMERKEN
Oudedagslijfrente
  • Ingangsdatum is vrij, maar uiterlijk 5 jaar na het bereiken van de AOW gerechtigde leeftijd 
  • Levenslange lijfrente of 20 jaar
  • Belastingplichtige = verzekeringnemer/verzekerde/begunstigde
  • geen maximum
Nabestaandenlijfrente
  • Toekomen aan een natuurlijk persoon
  • Ingaan bij overlijden van belastingplichtige of zijn (gewezen) partner
  • Levenslang/tijdelijk/tot 30 jaar
  • Begunstigde = nabestaande of belastingplichtige (bij overlijden partner, dus de nabestaandenlijfrente kan kruislings worden gesloten)
  • geen maximum
Overbruggingslijfrente
  • Maximum € 63.288,- (2014)
  • Uiterlijk op AOW gerechtigde leeftijd
  • Belastingplichtige = verzekeringnemer/verzekerde/begunstigde
Tijdelijke oudedagslijfrente
  • Maximum € 20.953,- (2014)
  • Belastingplichtige = verzekeringnemer/verzekerde/begunstigde
  • Niet eerder ingaan dan bij het bereiken van de AOW gerechtigde leeftijd
  • Minimale looptijd vijf jaar
  • Uiterlijk ingaan in jaar dat 5 jaar na de AOW ingangsdatum ligt

Klik hier om het bijbehorende formulier in PDF formaat te downloaden.
Klik hier om het bijbehorende formulier als Word document te downloaden.

© 2004 - 2013, MedFind, FinanciŽle Dienstverlening voor Medici